Meditatie

Gevoeligheid voor de Geest

“Daar wij er uit opmaakten dat God ons had geroepen”. (Handelingen 16: 10).

Als je naar de eerste christengemeente kijkt, zou je soms een beetje jaloers worden. Je gunt het je eigen gemeente en jezelf ook zo: volharding en gemeenschap, eendracht en blijdschap, eenvoud en groei (Handelingen 2). Je kunt aan de gemeente zo goed merken dat het Pinksteren is geweest: de Geest werkt! De Geest vuurt mensen aan tot een helder, krachtig getuigenis en tot ferme daden van dienstbetoon en toewijding. Maar ook heel stilletjes (minder opvallend) geeft de Geest richting aan mensenlevens en aan Gods werk in mensenlevens.
In Handelingen 8 bijvoorbeeld: eerst is er een engel die tot de diaken Filippus spreekt (vers 26), daarna de Geest (29), die hem gelast zich te voegen bij de vreemdeling uit Ethiopië. En diezelfde Geest neemt Filippus ook weer weg uit het leven van de kamerling, als de taak er op zit. Deze is er niet eens rouwig om, want hij heeft zijn geloof in Jezus en niet in Filippus beleden en kan nu zijn weg met blijdschap verder reizen. Filippus moet ook verder, om in andere streken het Evangelie te prediken (40).
Ook in Handelingen 16 is er diezelfde merkbare gevoeligheid voor de heilige Geest, die op de geest van de mens inwerkt en Gods plan daar uitwerkt. Paulus en Silas worden door de heilige Geest verhinderd om het woord in Asia te spreken (6). En wanneer ze dolgraag naar Bithynië reizen en daartoe al pogingen ondernemen, lezen we ineens: “Maar de Geest van Jezus liet het hun niet toe” (7). En dan volgt er een visioen dat voor Paulus en Silas en voor velen na hen, een impuls betekend heeft om te gaan vanwaar het “Kom over en help ons” klinkt. Nee, ze krijgen het antwoord niet op een briefje. Er staat dat zij er zelf uit opmaakten dat God hen riep om daar het Evangelie te brengen. Dat is heel persoonlijk en niet altijd iedereen duidelijk te maken. Maar voor hen is het zo helder dat ze direct de verhuizing voorbereiden! De roep werd roeping!
Soms wordt er smalend gesproken over beroepingswerk en leiding van God. Mensen schijnen precies te weten waarom er wordt bedankt of aangenomen. Juist omdat we Pinksteren hebben beleefd, geloven we dat er een Geest is die anderen en ons leidt. Als je ervoor open staat. Zo duidelijk dat er uit op te maken is dat de Here God u of mij roept (tot het ambt, een nieuwe taak). Ook Anneke en ik hebben die roep steeds weer vernomen. De ene keer hebben we in ons leven en ambtswerk Ja gezegd omdat we duidelijk leiding ervaarden: naar Nootdorp, Nijverdal. De andere keer omdat er een sterke roeping werd gevoeld: naar Puttershoek, Almelo. Het appél dat destijds uit Apeldoorn werd ontvangen is als leiding én roeping beleefd. Zo zijn we ook door de Geest in IJsselmuiden gebracht en ruim 6 jaren geleden in Westerhaar-Vriezenveensewijk: leiding en roeping tegelijk. En dan stort de Heilige Geest zoveel liefde uit in je hart…!
Voordat in Handelingen 16 over roeping wordt verhaald (vers 10), is er gezegd dat de gemeenten bevestigd zijn in het geloof (5). Als dit onder ons ook zo is, al die jaren door dat Hij in ons heeft geïnvesteerd, dan zal de Geest van Jezus ook voor u en onze gemeente de koers wel uitzetten. Als Hij de basis is van heel ons beleid en al onze plannen, dan mogen we vol vertrouwen zijn. Dan laten we ons er ook van harte actief bij betrekken. God opent nog steeds deuren en vensters . “Wat vraagt God van ons en wat is daarop ons antwoord?” Breng dit in gebed. Zo hebben we – met vallen en (genadig) opgericht worden – mogen leven en werken. Mag dit zo blijven. Ook op u en jou doet de Here God een dringend beroep: wat kan dit concreet zijn en wat is daarop dan (jo)uw antwoord? Laat het Hem en elkaar horen.
ds. Johan Woudenberg.

Geplaatst in Geen categorie.