Meditatie

Geen andere naam                                                                                               Hand.4: 12

Wanneer je vandaag daaraan vasthoudt, word je dat in veel gevallen niet in dank afgenomen. Toch staat er dat in al z’n radicaliteit. ‘En de zaligheid is in geen Ander’. Met die ander, dat zal u duidelijk zijn, wordt de Heere Jezus bedoeld. Daar draait het in de voorafgaande geschiedenis om.

De kreupelgeborene is niet anders genezen dan door het geloof in de naam van Jezus. Ook dat is een vorm van zaligheid. In vers negen wordt voor ‘gezond worden’ in het Grieks hetzelfde woord gebruikt. Wanneer in de Bijbel het woord ‘zaligheid’ valt, heeft dat niet alleen een geestelijk aspect, maar ook een lichamelijk. Dat wil zeggen: de Heere God heeft de mens in de totaliteit van zijn bestaan op het oog. Hij is voor Hem belangrijk naar lichaam én ziel. Wij willen het nog wel eens scheiden, maar ten onrechte. Hier bij deze man gaat het samen: gezond én God lovend gaat hij de tempel binnen. Zaligheid, redding houdt niet op bij de ziel, maar omvat ook het lichaam. En van de zaligheid in deze zin zegt Petrus nu: ze is in geen Ander!

Dat is de pretentie van het Evangelie, onopgeefbaar, ook vandaag. Van alle godsdiensten die er op deze wereld zijn – en dat zijn er heel wat – is er maar één die ons werkelijk zaligheid, redding geeft: het geloof in Jezus Christus.n de pretentie van het Evangelie, onopgeefbaar, ook vandaag. Ander!tsaan op het oof.,elijk 

Tegenwoordig (vooral jongeren weten daarover mee te praten) wordt wel beweerd dat elke godsdienst een stukje van de waarheid heeft en als je overal wat van neemt, nu dan kom je er wel. Laat daarom ieder vrij zijn eigen weg te bepalen.

Dat zou een geweldige relativering van het christelijk geloof betekenen, zo in de zin van: wat maakt het uiteindelijk allemaal uit.

Maar het maakt wél wat uit! Het is bepaald niet om het even wie we dienen en in wie we geloven. De Heere God zegt: er is maar één weg: Jezus Christus. En alle wegen buiten Hem zijn doodlopende wegen. De zaligheid is in geen Ander, want een andere naam is er tot behoud onder de hemel niet gegeven.

Waar u ook gaat of het ook zoekt, alleen in de naam van Jezus is het heil ontsloten. Alleen Hij schenkt ons vergeving van zonden. Niemand anders kan u dat geven. Zo heeft God het bepaald. U zult Hem de naam Jezus geven, zo had de engel reeds voor Zijn geboorte gesproken. En dat betekent: Zaligmaker, de Heere redt, maakt ruimte, verlost. Heel Gods reddend handelen is in Hem samengevat. Alleen Hij herstelt het verbroken contact met God. Daarom moet u bij Hem zijn, wie u ook bent. In Hem breidt God zijn handen naar u uit. Roep Hem dan aan met de naam, die God Hem gaf en Hij zal u helpen.

Heel het Evangelie is daar vol van. Denk aan de blinde Bartimeus. Zo hard hij kan, roept hij: Jezus, Zoon van David, ontferm U over mij! De mensen zeggen: roep niet zo luid. Jezus is in gesprek met anderen. Hij is veel te druk. Maar hoe vergissen zij zich. Jezus staat stil. Hij luistert naar de naam: Jezus!

Bartimeüs kan niet langer buiten Hem en hij schreeuwt als een kind om z’n moeder.

Uit de diepten roep ik tot U, o Heere. En Hij hoort!

Ja, wat dacht u. God heeft Hem niet voor niets de naam Jezus gegeven. Daar mag gebruik van gemaakt worden. De Heere hoorde en stelde hem in de ruimte.

En zo wordt roepen, noemen en belijden. U merkt het bij de kreupelgeborene en vele anderen die Hem met de naam Jezus in hun leven aanriepen. Is dat ook bij u merkbaar? Of is uw hart en mond nog vol van uw eigen naam?

Dan bent u niet in het spoor van de tekst. Want er is onder de hemel geen andere naam waardoor wij moeten zalig worden. Laat zijn naam dan uw leven bepalen. Dan ligt uw redding, uw behoud, naar lichaam en ziel voor eeuwig vast.

ds.J.W.Goossen

Geplaatst in Geen categorie.