Meditatie

Niet zien en toch geloven

En toen hij hoorde dat het Jezus de Nazarener was,

begon hij te roepen en te zeggen:

Jezus, Zoon van David, ontferm U over mij!     Markus 10, vers 47

Je zult toch maar blind zijn. Ik kan me niet voorstellen wat dat is. Mijn ogen doen het gelukkig nog goed. Maar blind zijn, dat is toch nogal wat. Blind zijn stelt je voor vragen. Met name ook als je leeft in een beeldcultuur, zoals wij die kennen. Want wij leren tegenwoordig via plaatjes. In de klaslokalen hebben we intelligente borden hangen. Vroeger was het gewoon een zwart bord. Daar kon je op schrijven met witte krijt. Maar tegenwoordig is zo’n beetje alles digitaal en kan er dus ook veel getoond worden in de klas. En ook onze mobiele telefoontjes zijn veranderd. Het is nog niet zo lang geleden, dat zo’n mobieltje alleen maar een klein schermpje had, net groot genoeg om de getallen te lezen die je had ingetypt. Nu hebben we een soort minicomputer in onze broekzak zitten en zijn we in staat om allerlei beelden te ontvangen, waar we ook maar zijn. Toch is dat niet het grootste probleem, denk ik, als je blind bent. Nee, het grootste probleem is heel eenvoudig dat je niet ziet. En als je niet ziet, als je je ogen niet kunt gebruiken voor dat doel, waar God hen voor geschapen heeft, dan is het vreselijk lastig om je te bewegen buiten paden die jij kent. Blind zijn kan je dus ook isoleren. Je doet niet langer mee met de rest van de maatschappij, gewoon, omdat al die anderen kunnen zien wat jij niet ziet.

In de Bijbel wordt daar ook over gesproken. Over blinde mannen en over blinde vrouwen. Zij wandelen rond in een samenleving, die in feite niet is gebouwd op zoveel blindheid. Ik heb het over de mannen en de vrouwen, die samen met Jezus opgaan naar de Tempel in Jeruzalem. Het zijn de pelgrims, die daar heengaan vanwege het hoge feest van Pascha. Hun focus is het geestelijk centrum van Israël: de Tempel. Hun doel is de lof van Israëls God. Maar de gebrokenheid van de schepping openbaart zich in hun houding. Want als zij de blinde Bartimeus tegenkomen, die  daar zit aan de kant van de weg, negeren zij hem compleet. In plaats van hem mee te nemen, om samen op te gaan tot Gods altaren, snoeren zij hem de mond. Zij zien niet, wat deze blinde bedelaar wel ziet. En zij horen dan ook niet, wat Bartimeus hen verkondigt in zijn vraag aan Jezus: Zoon van David, ontferm U over mij!

Alleen al op het horen van de nadering van Jezus, begint Bartimeus te roepen. Heeft hij de geruchten gehoord over de wonderbare genezingen, die Jezus al had gedaan? Wie zal het zeggen? In elk geval noemt Bartimeus Jezus bij een bijzondere naam: Zoon van David. Bartimeus erkent hiermee, dat Jezus de Messias is, de Koningszoon die al zolang werd verwacht. En als deze Koningszoon langskomt, bidt hij: Ontferm U over mij!

Je zult toch maar blind zijn! Je zult toch maar vlak langs Jezus heenlopen in jouw leven, zonder Hem ooit in de gaten te hebben. Wat mis je dan veel. Als je Jezus mist, dan mis je alles! Dan zie je niet, wat een ander wel ziet. Bartimeus zag het wel. In zijn noodkreet wijst hij ons de weg. En in de kerk bidden wij al eeuwenlang met deze blinde bedelaar mee: Here, ontferm U! En wij luisteren waar Jezus ons roept. En wij volgen Hem op de weg die Hij dan gaat. En net als Bartimeus, zien wij dan ineens diezelfde Jezus, de Zoon van David, hangend aan een kruis. Bij zulke beelden zou je wensen dat je het liever niet zou zien. Toch toont God ons juist hier Zijn genade, Zijn vergeving, Zijn ontferming over een gevallen wereld en daarmee ook over u en jou en mij.

Om dit te kunnen zien, om de boodschap van God te kunnen horen en om van Zijn Evangelie te kunnen getuigen vond ooit de Reformatie plaats. Mannen als Luther, Calvijn, Zwingli, Melanchton en Bucer hebben aan de wieg gestaan van een kerk, die geboren werd nu zo’n dikke 500 jaar geleden. Als bijzondere dag in het jaar staan wij hierbij stil, op 31 oktober. En we noemen deze dag: Hervormingsdag. Toch staat deze dag tegenwoordig wat bleekjes genoteerd in onze agenda’s. Hebben wij, na zoveel jaren, misschien toch wat staar gekregen?  Je zult toch maar blind zijn…  Dan kun je Jezus missen, terwijl Hij pal naast je loopt. En dan zie je ook niet, dat Hij Degene is in Wie God ons Zijn hand toesteekt. En als je Jezus mist, als persoon, maar ook als kerk, dan mis je alles. Stel je echter je vertrouwen op Hem, dan mag het allemaal gelden wat toen is uitgesproken: Sola Fide (door geloof alleen), Sola Gratia (door genade alleen), Sola Christus (door Christus alleen), Sola Scriptura (door de Bijbel alleen), Soli Deo Gloria: God alleen de eer!

Ds. Gerard Doorn

Geplaatst in Geen categorie.